Bokbieren van 2011, deel drie

Wat zijn er toch een hoop bokken! We blijven ze maar drinken. Dit keer dronken we groot en klein door elkaar.

Grunn Bock
Er gaat niks boven Groningen. En ook geen bokken, volgens Gruun zelf. Want deze bok is ‘meermaals bekroond’. Zo zet je op een etiket dat je vaak meedeed voor de ‘beste bokbierprijs’ maar nooit hebt gewonnen. Hij is wel mooi zwart met een klein robijnen glansje. De schuimkraag is snel weg.

Je ruikt dat het een kruidig bier is maar heel lekker is de geur niet. Snel drinken dus. Dan proef je weer de sterke smaak van kruiden. Er staat niet op wat er in dit bier zit en dat is jammer want we zijn benieuwd waar al die smaak vandaan komt. Dit bier is best zoet is maar dat gaat een beetje ten onder aan de scherpe bitterheid. Tsja, het is niet per sé vies allemaal maar Grunn is wel een bok waar je van moet houden.

Albert Heijn Herfstbock
Bij ’s lands grootste grootgrutter verkopen ze niet alleen pils van hun eigen merk maar ook bokbier. Albert Heijn herfstbok is donkerbruin met een beetje een rode glans. De schuimkraag is zo weg. De geur is wel bokkig maar er zit ook iets fruitigs in.

De smaak is zoetig en bokkig. Op zich goeie smaken voor een bokbier maar in dit bier zijn ze nogal hard. Hard en goedkoop. Albert Heijn Herfstbock is zoet als cola en ook de boksmaak is nep. Bij de eerste slok denk je dat het meevalt. Maar hoe meer je drinkt, des te meer gaat dit bier je tegenstaan. Alsof het niet gebrouwen is, maar een bokbiersmaakinjectie heeft gehad.

Jopen Bock
Jopen brouwt meerdere bokken. Ze hebben een hele zware, de Jopen Johannieter. Maar zware bieren lekker maken, dat kan iedereen. Gelukkig maken ze in Haarlem ook een bok met 6,5% alcohol. Hij ziet er in ieder geval lekker uit, met een bruine kleur en een creme-kleurige schuimkraag die ook nog eens blijft staan. Dat hebben we bij andere bokken wel anders gezien.

Deze Jopen ruikt bokkig maar ook nogal zoet. Maar de smaak is helemaal niet zoet! Sterker, misschien niet helemaal zoet genoeg. Bij bokbier wil je een zoete sensatie en die is niet helemaal daar. Ook wil je een royale boksmaak en die is er wel. Ook de nasmaak is prima. Jopen smaakt uiteindelijk ‘anders’ en dat is niet meteen slecht. Volgend jaar nog een beetje sleutelen aan de mout en dan gaan ze knallen.

Brugse Bok
Vorig jaar was dit bier de lantaarndrager van de bokbierparade. Vies en wijnerig, was hij. Wijnerig is hij nog steeds een beetje. Veel geur en veel smaak: een echt hooggistend bier. Ook de dikke, vlokkerige schuimkraag hoort bij een hooggistend bier. En de kleur is meer bruin dan rood.

De smaak is er wel op vooruit gegaan. Nog steeds wat wijnerig maar niet meer vies. Is het een bokbier? Dat ook weer niet. Het is een echt hooggistend bier met een rijke en niet verkeerde smaak. Je moet wachten op de nasmaak voor een sensatie die wat weg heeft van een bok. Dat lijkt een beetje gemaakt. Nog steeds brouwt Brugse geen bokbier. Bokbier brouwen was nooit wat voor Belgen, maar de jongens van La Chouffe bewezen dit jaar anders. Helaas is het bokbrouwen nog niet doorgedrongen tot Brugge. Er komen veel betere dingen uit Brugge. Maar hij is tenminste minder vies dan vorig jaar.

De Molen Bock
Ook de veelbrouwer uit Bodegraven komt dit jaar met een bok. Simpelweg ‘Bock’ genaamd. Wij houden van simpel, maar op de naam na is deze bok verre van simpel. De schuimkraag is groot en mooi fijn. Hij is iets lichter dan de gemiddelde bok. Bij het inschenken krijg je snel een barbecue gevoel. Niet zo gek want de Molen gebruikt gerookte mout.

Die gerookte mout proef je vooral in de eerste slok. Alsof je je asbak in je bier hebt laten vallen. Maar vrij snel verliest de rokerigheid de boventoon. En dan gebeurt er iets mooi in dit bier. Die rookmout zorgt voor een geweldige diepte. Het is een mooie overgang van de zoetige karamelsmaak naar de mooie bitterheid van de hop. Na de hop komt de rook weer stilletjes om de hoek kijken. Precies genoeg om de smaak af te maken. We zijn normaal niet zo van rare smaakjes in bier maar deze rook is een schitterende toevoeging. Een geweldige bok.

Zondebok
Een zware jongen, 8% alcohol. Kan je dat nog wel een bok noemen? Wij vinden eigenlijk van niet. We zijn natuurlijk conservatieve ouwe lullen maar een bok is nou eenmaal een bok. Zondebok ziet er wel uit als een bok. Robijnrood met een mooie witte schuimkraag.

Donkere zware bieren zijn over het algemeen zoet. En de Zondebok voldoet compleet aan je verwachting. Zoet, zoet en nog eens zoet. En veel koolzuur, heel veel koolzuur. De Zondebok prikt op je tong, en niet zoals je zou willen, het doet bijna pijn. En de hop? Die is er niet. Als dit bier één hopbel van dichtbij heeft gezien is het veel.

Bokbieren deel 3 bevat een paar hele interessante bieren. Niet allemaal heel goed en een paar zelfs slecht. Maar leuk om te drinken. Binnenkort de vogende serie.

Arnoud

Drinkt liever beter dan meer. Blogt met een mening. Houdt van alle soorten bier behalve kriek en geuze. Strijdt onvermoeibaar voor het universele recht op goed bier.

Eén gedachte over “Bokbieren van 2011, deel drie

  • oktober 26, 2011 om 19:43
    Permalink

    In dat geval zal je de Beyerd Herfstbock ook wel waarderen. Die heeft ook het typische rooksmaakje dacht ik en is verder een prima bier. Voor mij persoonlijk hoort een bok geen rooksmaak te hebben en zeker niet met een slok die proeft alsof je een asbak opdrinkt. Dat het later beter wordt tot daar aan toe maar je móet voorbij die eerste slok 😀

    Beantwoorden

Geef een reactie

Het e-mailadres wordt niet gepubliceerd. Verplichte velden zijn gemarkeerd met *